Zachte waarden in gebiedsontwikkeling?
‘Voor ons staat voorop dat Eindhoven gezond en sociaal is’, stellen PRO, CDA en D66 in hun coalitieakkoord. Naast de ontwikkeling van nieuwe gebieden wil de coalitie nadrukkelijk investeren in bestaande wijken, met aandacht voor leefbaarheid, veiligheid en voorzieningen dichtbij huis. De koppeling tussen sociale vraagstukken, verdichting en gebiedsontwikkeling staat daarmee hoog op de agenda. Ook tijdens diverse evenementen van de Dutch Design Week en bijeenkomsten van Architectuurcentrum Regio Eindhoven kwam dit thema de afgelopen tijd nadrukkelijk aan bod.
De groeiende aandacht voor zachte waarden: sociale cohesie, ontmoeting, nabuurschap en gemeenschapsvorming hangt samen met ingrijpende maatschappelijke ontwikkelingen, zoals vergrijzing, een toenemende zorgvraag, het groeiende aantal alleenstaanden en de extramuralisering van de zorg.
Dergelijke vraagstukken zijn niet uitsluitend door de overheid op te lossen, maar vragen ook om initiatieven vanuit bewoners, gemeenschappen en maatschappelijke organisaties. Deze ontwikkeling wordt vaak aangeduid als de coöperatieve samenleving. Tegelijkertijd brengt de voortdurende verdichting van steden nieuwe uitdagingen met zich mee. Hoewel verdichting extra woonruimte creëert, neemt ook de druk op kwetsbare groepen toe. Dak- en thuislozen, vluchtelingen, arbeidsmigranten, ouderen en kinderen ervaren vaak als eerste de gevolgen van schaarse ruimte en stijgende woonlasten.
Daardoor groeit bij overheden, maar ook bij ontwerpers, bewoners en ontwikkelaars de belangstelling voor collectiviteit als onderdeel van gebiedsontwikkeling. De inzet is om ruimtelijke ontwikkeling nadrukkelijker te verbinden met ontmoeting, gemeenschapsvorming en onderlinge zorg, bijvoorbeeld via collectieve woonvormen, gedeelde voorzieningen en nieuwe vormen van nabuurschap. Deze ontwikkeling is op verschillende niveaus zichtbaar.
Op 20 oktober gingen wij in BLOK met tal van netwerkleden in gesprek over de vraag hoe gezonde, leefbare en toekomstbestendige buurten kunnen worden gerealiseerd. Daarbij stond centraal hoe fysieke en sociale kwaliteit beter met elkaar kunnen worden verbonden, zowel in bestaande wijken als in nieuwe gebiedsontwikkelingen. Verbinding, sterke sociale netwerken en betrokkenheid tussen bewoners blijken daarbij minstens zo belangrijk als de ruimtelijke inrichting zelf. Een aantal inzichten zijn inmiddels duidelijk:
In de eerste plaats ontstaat gemeenschap niet vanzelf: gedeelde voorzieningen kunnen ontmoeting stimuleren, maar creëren niet automatisch een gemeenschap. Doorslaggevend zijn de relaties die bewoners met elkaar opbouwen. Gemeenschapsvorming vraagt daarom niet alleen om fysieke ruimte, maar ook om sociale organisatie en langdurige betrokkenheid.
Daarnaast vraagt collectief wonen tijd én toegankelijkheid:
het opbouwen van een woongemeenschap vergt tijd, energie en doorzettingsvermogen. Daardoor dreigt collectief wonen vooral bereikbaar te worden voor mensen met voldoende middelen en kennis. Een belangrijke uitdaging is daarom om dergelijke initiatieven toegankelijk te maken voor een bredere groep bewoners, bijvoorbeeld door sociale huurwoningen vanaf het begin onderdeel van het concept te maken.
Ondersteuning en kennisdeling versnellen initiatieven: organisaties als Fontys, Cooplink en Katalys beschikken over kennis en ervaring waarmee nieuwe initiatieven sneller van de grond kunnen komen. Door bestaande expertise beter te benutten hoeft niet ieder project opnieuw het wiel uit te vinden.
Collectiviteit is niet beperkt tot nieuwbouw: ook in bestaande buurten liggen kansen om gemeenschapsvorming te versterken. Een gedeelde voorziening, een gezamenlijk beheerde buitenruimte of een voorzorgcirkel kan al een belangrijke bijdrage leveren aan ontmoeting, onderlinge hulp en sociale verbondenheid.
En tot slot, collectiviteit kan meerdere ruimtelijke opgaven ondersteunen: de waarde van collectiviteit reikt verder dan wonen alleen. Zij kan bijdragen aan deelmobiliteit, klimaatadaptatie, vergroening, biodiversiteit, energie-uitwisseling, sociale veiligheid en informele zorg. Daarmee wordt collectiviteit niet alleen een woonconcept, maar een strategie voor integrale en toekomstbestendige gebiedsontwikkeling.
Afbeelding: ARE-sociëteit op bezoek bij CPO Meer&Deel waar collectiviteit en ‘zorg voor elkaar’ een centrale thema’s zijn.