actualiteit

Essay: Zachte waarden in gebiedsontwikkeling zijn niet van steen:

‘Ontwerp met, in plaats van voor bewoners’

‘Voor ons staat voorop dat Eindhoven gezond en sociaal is.’ Dat stellen PRO, CDA en D66 in hun coalitieakkoord.[1] Naast de ontwikkeling van nieuwe woongebieden, want de druk is hoog vanwege de enorme economische dynamiek in deze regio, wil de coalitie nadrukkelijk investeren in bestaande wijken, met aandacht voor leefbaarheid, veiligheid en voorzieningen dichtbij huis. De relatie tussen sociale opgaven, verdichting en gebiedsontwikkeling staat daarmee nadrukkelijk op de agenda. Het gaat om de verbinding tussen sociale en ruimtelijke vraagstukken, tussen zachte en harde waarden.

Maar hoe geef je die verbinding vorm in gebiedsontwikkeling, en wie neemt daarin handschoen op? Juist door deze vragen centraal te stellen, krijgt het coalitieakkoord concrete betekenis voor de stad. Om die verbinding te verkennen, organiseerde Architectuurcentrum Eindhoven diverse debatten en kennisbijeenkomsten waarin praktijkvoorbeelden en ervaringen werden gedeeld.[2]

 

De oplossing is niet van steen

Terwijl Eindhoven groeit en verdicht, neemt ook het besef toe dat succesvolle gebiedsontwikkeling meer vraagt dan alleen woningbouw. Sociale cohesie, ontmoeting en onderlinge zorg worden steeds belangrijker voorwaarden voor leefbare buurten. Al langer staat dit thema op de agenda van stadsmakers, beleidsprofessionals en ook bij bewoners. Duidelijk is dat zachte waarden geen aanvulling op gebiedsontwikkeling zijn, maar een noodzakelijke voorwaarde voor het goed functioneren van groeiende steden.

 

Collectiviteit organiseren

De aandacht voor sociale cohesie en gemeenschapsvorming is een reactie op maatschappelijke ontwikkelingen als vergrijzing, het toenemende aantal alleenstaanden en de extramuralisering van de zorg. We zien steeds meer mentale uitdagingen terug in wijken en buurten, maar zien mensen zich ook steeds individueler gedragen. Deze trends vergroten de druk op de zorg en maken onderlinge solidariteit belangrijker dan ooit. Steeds duidelijker wordt dat deze opgaven niet uitsluitend door de overheid kunnen worden opgelost. Ze vragen daarnaast ook om initiatieven van bewoners, gemeenschappen en maatschappelijke organisaties, een ontwikkeling die vaak wordt aangeduid als de coöperatieve samenleving. Daardoor groeit de belangstelling voor collectieve en coöperatieve vormen van gebiedsontwikkeling, zowel bij overheden als bij ontwerpers, bewoners en marktpartijen.

 

Nabijheid en nabuurschap als principe

Actueel zijn de discussies over de vijftienminutenstad, een stedelijke uitwerking van een bredere opgave: het creëren van fysieke en sociale nabijheid. Ontwikkelaars, architecten en stedenbouwkundigen besteden daarom steeds meer aandacht aan gemeenschappelijke ruimten, gedeelde voorzieningen en routes die informele ontmoetingen stimuleren. Nieuwe woonontwikkelingen kunnen zo niet alleen woningen toevoegen, maar ook sociale netwerken versterken en het lokale sociale weefsel verdichten. Collectieve woonvormen en nieuwe vormen van nabuurschap winnen daarbij aan populariteit, ook onder commerciële ontwikkelaars. Tegelijk schuilt het risico dat dergelijke concepten vooral toegankelijk worden voor hoger opgeleide en kapitaalkrachtige groepen, terwijl juist kwetsbare bewoners het meest kunnen profiteren van sterke sociale netwerken.

 

De inclusieve en rechtvaardige stad

Want de enorme groeidruk en voortdurende verdichting van steden brengen ook andere uitdagingen met zich mee. Hoewel verdichting extra woonruimte creëert, neemt juist nu de druk op kwetsbare groepen toe. Dak- en thuislozen, vluchtelingen, arbeidsmigranten, ouderen en kinderen ervaren vaak als eerste de gevolgen van schaarse ruimte en stijgende woonlasten. Juist deze groepen dreigen uit het blikveld te vallen.

Het Werkboek Zorgzame Leefomgeving, samengesteld door Violette Schönberger en Tim Peeters van Falsework, verkent hoe een zorgzame en inclusieve stad kan worden vormgegeven, met bijzondere aandacht voor kwetsbare groepen.[3] De auteurs stellen dat de belangrijkste voorwaarden voor een rechtvaardige stad liggen op buurtniveau, in multidisciplinaire samenwerking en in participatieve ontwerppraktijken.

Centraal staat het verbinden van fysieke en sociale kwaliteit, zowel in bestaande wijken als in nieuwe gebiedsontwikkelingen. Ontwerpen gebeurt daarbij niet alleen vóór, maar ook mét bewoners, waarbij expliciet ruimte wordt gemaakt voor stemmen die doorgaans minder worden gehoord. Sterke sociale netwerken, onderlinge betrokkenheid en verbinding blijken daarbij minstens zo bepalend voor de leefkwaliteit als de ruimtelijke inrichting zelf.

 

Vijf inzichten
Een aantal inzichten en lessen uit de uiteenlopende gesprekken die Architectuurcentrum Regio Eindhoven hierover organiseerde zijn inmiddels helder:

 

  1. Betrokkenheid is een gezamenlijke verantwoordelijkheid

Een belangrijke conclusie uit de bijeenkomsten die Architectuurcentrum Regio Eindhoven over dit thema organiseerde, is dat betrokkenheid een gezamenlijke verantwoordelijkheid is. Het vraagt van alle partijen een andere houding: niet afwachten, maar samen initiatief nemen en verantwoordelijkheid dragen voor de kwaliteit van de leefomgeving.

 

  1. Gemeenschap ontstaat niet vanzelf!

In de eerste plaats ontstaat gemeenschap niet vanzelf: gedeelde voorzieningen kunnen ontmoeting stimuleren, maar creëren niet automatisch een gemeenschap. Doorslaggevend zijn de relaties die bewoners met elkaar opbouwen. Gemeenschapsvorming vraagt daarom niet alleen om fysieke ruimte, maar ook om sociale organisatie door gemeenschappelijke activiteiten en een langdurige betrokkenheid van bewoners. Het recente laagdrempelige en tijdelijke paviljoen BLOK, midden op het Machinekamerplein in Eindhoven, is daarvan een voorbeeld. Het initiatief ontstond vanuit de ambitie van Blink om duurzame gebiedsontwikkeling tastbaar en beleefbaar te maken. Niet alleen door anders te bouwen, maar ook door mensen vroegtijdig met een plek en met elkaar te verbinden. Het paviljoen is ontworpen als reizende ontmoetingsplek die in gebiedsontwikkelingen tijdelijk kan worden ingezet voor participatie, kennisdeling en lokale activiteiten. Zo helpt het om verbindingen tussen bewoners al vóór de eerste oplevering te leggen en buurten vanaf het begin tot leven te brengen.[4]

 

  1. Collectiviteit moet toegankelijk zijn voor iedereen

Daarnaast vergt het opbouwen van een woongemeenschap tijd, energie en doorzettingsvermogen. Daardoor dreigt collectief wonen vooral bereikbaar te worden voor mensen met voldoende middelen en kennis. Een belangrijke uitdaging is om dergelijke initiatieven toegankelijk te maken voor een bredere groep bewoners. Dat kan bijvoorbeeld door sociale huurwoningen vanaf het begin in het concept te integreren of ruimte te bieden aan initiatieven zoals Community Land Trusts, collectief particulier opdrachtgeverschap (CPO) en wooncoöperaties zonder winstoogmerk.[5]

Ook in Eindhoven zijn hiervan al verschillende voorbeelden zichtbaar. Zo geldt het bekroonde CPO-project Meer & Deel als een toonaangevend voorbeeld van collectief wonen[6], terwijl wooncoöperatie Klein Strijp momenteel op Strijp-S werkt aan de realisatie van een gemeenschappelijk en betaalbaar woonconcept.[7]

Ondersteuning en kennisdeling door Cooplink en Katalys kunnen juist deze initiatieven versnellen.[8] Deze organisaties beschikken over kennis en ervaring waarmee nieuwe initiatieven sneller van de grond kunnen komen. Door bestaande expertise beter te benutten hoeft niet ieder project opnieuw het wiel uit te vinden.

 

  1. Collectiviteit is niet beperkt tot nieuwbouw

Ook in bestaande buurten liggen kansen om gemeenschapsvorming te versterken. Gedeelde voorzieningen en gezamenlijk beheerde binnen- of buitenruimtes kunnen ontmoeting, onderlinge hulp en sociale verbondenheid bevorderen.

Een laagdrempelig voorbeeld zijn voorzorgcirkels: netwerken van circa tien tot vijftien huishoudens of ouderen die vrijwillig naar elkaar omzien en elkaar ondersteunen. Het gaat daarbij niet om professionele zorg, maar om praktische hulp, sociaal contact en het tegengaan van eenzaamheid.[9] Het concept wordt inmiddels op tientallen locaties in Nederland toegepast, waaronder Eindhoven.[10]

Een vergelijkbaar initiatief is Butterfly Effect, dat met buurtverbinders werkt aan sterke en veerkrachtige gemeenschappen. Buurtverbinders wonen zelf in de wijk en stimuleren ontmoeting, samenwerking en betrokkenheid tussen bewoners. Door enkele uren per week hun talenten in te zetten voor de buurt brengen zij mensen met elkaar in contact en helpen zij lokale initiatieven van de grond te krijgen. Welke activiteiten ontstaan, verschilt per wijk en wordt samen met bewoners bepaald. Juist deze wijkgerichte aanpak draagt bij aan gemeenschappen die van binnenuit worden opgebouwd en versterkt.[11]

 

  1. Collectiviteit draagt bij aan meerdere maatschappelijke opgaven

En tot slot kan collectiviteit meerdere ruimtelijke opgaven ondersteunen. De waarde van collectiviteit reikt daardoor verder dan wonen alleen. In een tijd waarin steden steeds dichter worden bebouwd, ligt de grootste opgave misschien niet in het toevoegen van meer gebouwen, maar in het versterken van de relaties tussen mensen. Juist daarin schuilt de werkelijke waarde van gebiedsontwikkeling.

 

Tekst: René Erven, met medewerking van Lonneke Wijnhoven en Renee Scheepers

Oktober 2026

 

Foto: CPO meer&deel, Bram Berkien.

[1] Gemeente Eindhoven, Coalitieakkoord 2026-2030: Samen vooruit, samen thuis!; Coalitieakkoord 2026-2030: Samen vooruit, samen thuis! | Gemeente Eindhoven

[2] Zie onder meer: Bijeenkomst BLOK/DDW, 20 oktober, 16.00 uur, BLOK; ‘De avond van de zachte waarden: Fellenoord 2/2’, ma 18 mei, 20.00 uur, Natlab.

[3] Falsework samen met Caroline Newton, Werkboek ‘Zorgzame Leefomgeving’, Actieagenda Ruimtelijk Ontwerp (ARO), gepubliceerd: augustus 2026: 6a5228f3938a981683990f84_ARO Werkboek_Zorgzame leefomgeving_DEF.pdf

[4] BLOK IS GEEN EINDPUNT, HET IS EEN AANJAGER – Blok

[5]

[6] Het project won o.m. de Dirk Roosenburgprijs 2025; meer&deel: samen bouwen, groen wonen, veel delen én krijgen

[7] Klein Strijp | Wooncoöperatie (@kleinstrijp) • Instagram photos and videos

[8] Cooplink – Cooplink en Katalys – Krachtige ondersteuning voor lokale initiatieven

[9] Voorzorgcirkels | Nederland Zorgt voor Elkaar

[10] Zorgcirkel rukt op: ‘Niet iedereen heeft familie, wel buren’, NOS Nieuws, zaterdag 2 augustus 2025, 06:30.

 

[11] Butterfly Effect bouwt bruisende gemeenschappen

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws in je inbox